27 maart: Schilderij Jeltje Hoogenkamp bij gedicht “De dood van Mozes”

Ik zie een beweging in het beeld van links naar rechts.

Links zijn verschillende tinten rood te zien. Dat doet mij denken aan de pijn die Mozes geleden heeft in de afgelopen lange jaren door de woestijn door het gemor en de ontevredenheid van het volk. Maar ook aan de liefde die hij voor het volk van Israël had.

Dan is er een geel gekleurde driehoek. Die geeft mij aan dat Mozes de berg op gaat. Geel is de kleur van vreugde, een positieve instelling en vertrouwen. Met die instelling gaat Mozes de berg op; vol vertrouwen op zijn God.

Boven op de berg ziet hij de kleuren groen en blauw. Als Mozes van links naar boven de berg op loopt, ziet hij eerst vooral groen. De kleur van de hoop en symbool van het nieuwe leven: het beloofde land.

Als hij boven is ziet hij overal blauw om zich heen. Die kleur heeft Mozes eerder gezien. In Exodus 24:10 staat: ‘Hierna ging Mozes de berg op, samen met Aäron, Nadab, Abihu en zeventig oudsten van het volk, en zij zagen de God van Israël. Onder zijn voeten was er iets als een plaveisel van saffier, helder stralend als de hemel zelf’. Saffier is een kostbare blauwe steen. Het blauw geeft mij dan aan: Daar is God, dat is het beloofde land.

Ik kan me voorstellen dat Bonhoeffer een soortgelijke ervaring had als Mozes: lijden aan de kerk in de nazi-tijd, in vertrouwen gaat hij de weg die hij gelooft te moeten gaan en in zijn cel ziet hij bij vlagen, met vallen en opstaan, het groen en blauw van God.

Ik weet overigens niet of Mozes wist dat het een moeilijke weg zou worden toen hij er aan begon, Bonhoeffer wist dat zeker wel.

Het staat model voor onze levensweg: Niet altijd een eenvoudige reis, soms moeten we ook de problemen niet uit de weg gaan. God is er wel steeds bij en zal er zijn, hoe dan ook.

Laten wij ook met moed en geloof vasthouden aan de hoop op God en mogen wij dan voortdurend ervaren dat Hij er is.

 

Han Wijnberger